2019

JURYRAPPORT 2019

Juryvoorzitter Inez Weski (foto John Valk)

De jury van de Persprijs Rotterdam, die dit jaar voor de 14e keer wordt uitgereikt, heeft zich gebogen over 20 inzendingen, een gemiddeld aantal. Om er eens op een heel andere manier naar te kijken: niet eerder was het totale gewicht van de inzendingen, gemeten in grammen, zo laag.

De reden daarvoor is een ontwikkeling die de jury de afgelopen jaren steeds duidelijker heeft zien worden: een toenemend deel van de inzendingen wordt digitaal, als link, aangeleverd, en een afnemend deel op papier, een afspiegeling dus van wat zich in de gehele maatschappij afspeelt.

Dit jaar was ongeveer de helft van de inzendingen uitsluitend via sites toegankelijk, en veel van de andere zowel digitaal als op papier. Schaars waren de inzendingen die exclusief op papier te lezen waren. Daaronder één boek, waarover verderop meer.

Inhoudelijk naar de inzendingen kijkend, viel om te beginnen het gemiddeld hoge niveau op. Opmerkelijk was daarbij vooral het zeer ruime aandeel van research-journalistiek, projecten waarbij grondig maatschappelijke en economische ontwikkelingen in vaak een serie verhalen nader werden onderzocht.

In z’n algemeenheid wordt journalisten wel eens verweten snel te willen scoren terwijl bovendien de grenzen tussen journalistiek en entertainment niet altijd even helder zijn. Mede daarom vindt de jury het zonder meer positief vast te stellen dat in de journalistiek ook meer en meer plaats lijkt te komen voor verhalen die achtergrond, verklaring en inzicht bieden bij het soort complexe vraagstukken waarmee iedere burger vroeger of later te maken krijgt. Verheugend is ook dat de leveranciers van deze onderzoeksjournalistiek niet alleen te vinden zijn op digitale nieuwsplatforms als Vers Beton en Open Rotterdam, maar dat ook een krant als AD Rotterdams Dagblad een podium biedt aan deze zeer relevante vorm van nieuws maken en duiden.

Als je erg kritisch kijkt kun je zeggen dat sommige van de series onderzoeksverhalen een wel erg cijfermatige insteek hebben. Andere dragen het karakter van een breed uitgesponnen werkstuk, en hier en daar gaan de vaak goed gedocumenteerde stukken over in actiejournalistiek. Voor de jury is helder dat de toegenomen aandacht voor diepgravende onderzoeksjournalistiek een trend is die nog bezig is zijn definitieve vorm te krijgen. Maar een trend is het onmiskenbaar. En dat is een vreugdevolle constatering in een stad waar zoveel aan de hand is als Rotterdam.

Bij de inzendingen bevond zich, zoals gezegd, ook een boek dat ik hier graag noem. Het gaat om “Oude Maasweg kwart voor drie” van Merlijn Kerkhof. Een beetje Rotterdammer zal die titel gelijk herkennen als het meest bekende lied van de band The Amazing Stroopwafels, en het boek is dan ook het verhaal van deze groep muzikanten die, in wisselende samenstelling, sinds 1979 optreedt. Vooral ook in Rotterdam, waar de mannen jarenlang, gewoon op straat spelend, het winkelen veraangenaamden.

Merlijn is de zoon van de frontman van The Amazing Stroopwafels, Wim Kerkhof. Zijn boek biedt niet alleen een gedetailleerd kijkje achter de schermen van de culthelden en Rotterdamse iconen die je de Stroopwafels mag noemen, maar is ook een ontroerend en oprecht eerbetoon van een liefhebbende zoon aan zijn bijzondere vader.

Alle inzendingen werden door de jury beoordeeld volgens een aantal vaste criteria. Daarbij werd gekeken naar de algemene journalistieke kwaliteit, originaliteit en creativiteit, naar toegankelijkheid,  zorgvuldigheid, nieuwswaarde en Rotterdamse impact.  Deze uitgangspunten hanterend bleven er vier producties over waaruit de uiteindelijke winnaar werd gekozen.

De genomineerden: vol verwachting klopt hun hart (foto’s: John Valk)

Die vier genomineerden zijn, in alfabetische volgorde:

Anna Visser interviewt Guido van Eijck en Bram Logger

- De serie verhalen over Feyenoord City van de hand van Guido van Eijck en Bram Logger, en gepubliceerd in Vers Beton en Follow the money, alsmede Open Rotterdam. Gedurende drie maanden doken de twee journalisten in de bouwplannen voor het nieuwe Feyenoord-stadion. Daarbij berekenden zij zelf de haalbaarheid van de plannen zoals die nu bekend zijn. Hun conclusie: het hele project heeft nogal wat megalomane trekken en is op zijn minst financieel riskant. Een aardig, maar ook inzichtelijk zijpad bewandelde het duo door op bezoek te gaan in het Zweedse Solna, een voorstad van Stockholm, waar al een soort Feyenoord City te vinden is. Inzichtelijke verhalen, menigmaal ook geestig, met een bijzonder heldere video als illustratie, vond de jury.

Peter Groenendijk en Sanne Donders

- De verhalen over de Tweebosbuurt in Rotterdam-Zuid van Peter Groenendijk en met foto’s van Sanne Donders in AD Rotterdams Dagblad. De serie verhalen gaat over de gevolgen van de voorgenomen sloop van een groot deel van de Tweebosbuurt, in de Afrikaanderwijk. Woningcorporatie Vestia wil er bestaande huizen, vooral sociale huurwoningen, afbreken om plaats te maken voor ruimere woningen die zijn bestemd voor mensen met een wat dikkere portemonnee. Lang niet iedereen wil vrijwillig vertrekken uit de vertrouwde Tweebosbuurt en Vestia, gesteund door de gemeente Rotterdam, aarzelt niet dat dan via de rechter af te dwingen. Wat dat betekent voor de huurders maar ook andere partijen die bij de sloop zijn betrokken, wordt door Peter Groenendijk met veel oog voor de menselijke maat onder woorden gebracht, en treffend geïllustreerd door de foto’s van Sanne Donders.

Inge Janse

- Het onderzoeksproject ‘Wat houdt de groene toekomst tegen” van Inge Janse, gepubliceerd op de site van Vers Beton. Janse heeft vele maanden werk gestopt in dit project, waarin hij heeft geprobeerd na te gaan waarom de verduurzaming van het Rotterdamse havengebied zo moeizaam van de grond komt. Het is indrukwekkend om te lezen hoe ver en diep Inge is gegaan om alle relevante gegevens boven tafel te krijgen Hij sprak tientallen experts, bezocht tientallen congressen en bestudeerde honderden literatuurbronnen om tot een gefundeerde analyse te kunnen komen. Aan de hand van de online game ‘De groene havenbaas’ worden nog eens op een meer speelse manier de dilemma’s geschetst die spelen bij de vergroening van het havengebied.

Derk Stokmans en Joris Kooiman

- De reconstructie van het miljoenendrama rond het Rotterdamse Warmtebedrijf van de hand van Derk Stokmans en Joris Kooiman, en gepubliceerd in NRC Handelsblad en NRC Next. De twee redacteuren deden uitgebreid onderzoek naar het Warmtebedrijf, dat een essentiële rol had moeten spelen bij de verduurzaming van de haven. Onduidelijke afspraken, angst voor gezichtsverlies en verwachtingen die niet door de realiteit werden geschraagd zorgden ervoor dat wat eens een prachtig plan leek uiteindelijk tot een zeer waarschijnlijk geworden strop van 200 miljoen euro voor de gemeente Rotterdam leidde. Zeer toegankelijke journalistiek op hoog niveau, vond de jury van deze knappe reconstructie.

Uit deze verhalen, onderling zeer verschillend maar allemaal het resultaat van vasthoudende journalistiek waarbij de schrijvers diep in hun onderwerp doken, heeft de jury de winnaar gekozen.

Dames en heren, de winnaars van de Persprijs Rotterdam 2019 zijn Peter Groenendijk en Sanne Donders van AD Rotterdams Dagblad met hun verhalen over de sloop van de Tweebosbuurt.

Rotterdam, oktober 2019

Inez Weski (voorzitter jury), Henk Dam, Maria Heiden, Kees Weeda, Cees van der Wel – jury Persprijs Rotterdam 2019